Skip to main content
Begin: 04-10-2022 - 22:05 || Eind: 04-10-2022 - 22:05
Locatie:

‘Méér werken is voor de korte termijn de belangrijkste maatregel om de grote maatschappelijke problemen als gevolg van de extreem krappe arbeidsmarkt terug te dringen en te zorgen dat de werkdruk beheersbaar blijft voor iedereen. Daarom moet arbeidsduurverlenging weer vaker onderwerp van gesprek in bedrijven en aan de cao-tafels worden.’ Dat zeggen VNO-NCW, MKB-Nederland en AWVN. Volgens de ondernemersorganisaties, die de afgelopen maanden met aangesloten branches en bedrijven in een taskforce een eigen ‘doe-agenda’ hebben opgesteld, ligt de bal daarvoor voor een groot deel bij werkgevers en werkenden zelf. ‘Daarbij snijdt het mes aan twee kanten: we lossen een deel van het krapteprobleem op en het is goed voor de koopkracht van werknemers, nu het leven in korte tijd fors duurder is geworden.’

Volgens VNO-NCW, MKB-Nederland en AWVN brengen de grote tekorten op de arbeidsmarktkrapte serieuze problemen met zich mee. Zo tasten ze de kwaliteit van de zorg, het onderwijs en openbaar vervoer aan, worden de ambities voor de verduurzaming en de woningbouw onhaalbaar en belemmeren ze de economische groei die nodig is om onze publieke voorzieningen te blijven betalen. ‘We zien en ervaren allemaal dat het op steeds meer plaatsen vastloopt. Het kabinet heeft concrete plannen aangekondigd om de krapte aan te pakken, maar die bieden op korte termijn nog te weinig soelaas. Daarom zijn nieuwe onconventionele oplossingen nodig, zoals arbeidsduurverlenging.’

Meer werken
Het plan van de interne Taskforce (Arbeidsmarktkrapte. Meteen aan de slag!) van de drie ondernemersorganisaties is een ‘doe-agenda’, die zich vooral richt op wat werkgevers zélf kunnen doen. Meer werken is de beste maatregel voor de korte termijn. Nederland telt 4,5 miljoen mensen die in deeltijd werken, van wie er 500.000 aangeven dat ze per direct meer zouden willen werken, als dat ook meer zou lonen.’

Werkgevers zelf kunnen het nodige doen om het voor deeltijders, maar ook voltijders, aantrekkelijk te maken om tijdelijk of structureel meer uren te gaan werken. ‘Denk bijvoorbeeld aan een bijdrage in de extra kinderopvangkosten, een hoger netto loon zolang de medewerker langer werkt en meer zeggenschap over werktijden en roosters. Ga in elk geval in gesprek om na te gaan wat mensen nodig hebben. Ook extra verlof omzetten naar extra salaris kan zeker in deze tijd helpen.’

Arbeidsduurverlenging
De ondernemersorganisaties roepen de decentrale cao-partijen op het onderwerp arbeidsduurverlenging ook onderwerp van gesprek te maken aan de cao-tafels. ‘Arbeidsduurverlenging doet meer voor de inkomenspositie van werkenden dan contractloonstijgingen, al stijgen die natuurlijk ook. Het zou in het cao-overleg bijvoorbeeld kunnen gaan over een terugkeer naar de 40-urige werkweek en over bijvoorbeeld minder adv-dagen. Zo krijg je geld voor tijd en verminderen we de werkdruk voor alle werkenden als geheel. Onze oproep geldt niet voor iedereen en overal. Per sector zal verschillen wat nodig is. In sommige sectoren, zoals de zorg, kunnen een paar uur meer al een groot verschil maken.’

Meer mensen aan de slag
Behalve het aantrekkelijker maken van meer uren werken is het volgens de ondernemersorganisaties belangrijk om mensen aan de slag te helpen die nu nog ongewild aan de zijlijn staan. Dat is een groep van circa 1 miljoen mensen. ‘De mismatch tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt is hardnekkig. Mensen die kunnen en willen werken, weten nog lang niet altijd de weg naar werk te vinden.’ Werkgevers kunnen daar zelf wat aan doen door anders te kijken naar de invulling van vacatures en naar hun manier van werving. Open hiring bijvoorbeeld kan voor veel mensen de sollicitatiedrempel verlagen, en door werkzaamheden in overleg aan te passen aan de mogelijkheden en onmogelijkheden van de kandidaat, komt een grotere groep in aanmerking. Wel is daarvoor onder meer belangrijk dat er snel beter inzicht komt in de bestanden bij UWV en gemeenten.

Andere actiepunten van de Taskforce gaan onder meer over verantwoorde en gerichte arbeidsmigratie, slimmer werken met de inzet van sociale en technologische innovatie en het stimuleren van medewerkers om te blijven leren en ontwikkelen.