|
woensdag 2 juni 2010
Limburgse gemeenten blijven slechte betalers. Dat vinden ondernemers die hebben gereageerd op een enquête van de Limburgse Werkgeversvereniging (LWV). Maar ook de termijnoverschrijding bij betalingen tussen bedrijven onderling is zorgwekkend hoog.
De enquête over het betalingsgedrag kende evenals in 2006 en 2009 een zeer hoge respons.
Uit de dit jaar gehouden enquête trekt de LWV de volgende conclusies:
- De overschijding bij bedrijven onder elkaar loopt weliswaar iets terug maar blijft zorgwekkend hoog (82% van de bedrijven betaalt gemiddeld 28 dagen te laat)
- De ondernemers blijven van mening dat het betalingsgedrag van gemeente niet echt verbeterd is. In 62% van de gevallen wordt te laat betaald (t.o.v. 53% in 2009), terwijl de gemiddelde overschrijdingsduur gestegen is van 31 naar 32 dagen.
- Provincie en Rijk blijven het beter doen dan de gemeenten. In beide gevallen is de termijnoverschrijding afgenomen. Wat zorgen baart is dat bij gevallen van termijnoverschrijding het gemiddeld aantal dagen van overschrijding oploopt.
De provincie hanteert overigens een betalingstermijn van 14 dagen, de andere partijen van 30 dagen.
Vanwege aanhoudende berichtgeving over de betalingsmoraal heeft de LWV een onafhankelijk bureau opdracht gegeven tot het verrichten van een onderzoek naar de achtergronden van dit probleem en “best-practices” elders.
Ondernemend Limburg vertrouwt op de toegezegde inzet van de provincie Limburg om juist in tijden van economisch herstel ook het betalingsgedrag van provinciale én gemeentelijke overheden te verbeteren. De provincie wil hier gericht actie op ondernemen, door gemeenten ook aan te spreken op hun verantwoordelijkheid.
| vrijdag 16 april 2010
In november van dit jaar zal Henk Benjamins terugtreden als voorzitter van de LWV. Wij zijn verheugd een geschikte kandidaat te hebben gevonden in de persoon van Jan Zuidam.
Ir. Jan Zuidam (1948) studeerde Scheikundige Technologie aan de TU Delft. In 1973 trad hij in dienst bij DSM Research in Geleen. Hij vervulde een breed scala aan functies, waaronder Plant Manager, Hoofd Inkoop en Hoofd Productie voor verschillende businessgroepen. Jan Zuidam was Directeur van DSM Andeno en ook Directeur Corporate Strategy. In 1992 werd hij benoemd tot Directeur van DSM Research en in 1998 trad hij toe tot de Raad van Bestuur van DSM. Zuidam is op 1 januari 2010 met pensioen gegaan.
Daarnaast heeft Jan Zuidam talloze bestuurlijke functies vervuld binnen en buiten DSM. Hij is momenteel voorzitter van de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI).
Zijn jarenlange ervaring in bestuurlijke functies en zijn affiniteit met actuele thema’s als internationalisering, duurzaamheid en innovatie maken hem volgens de LWV bij uitstek geschikt voor deze functie.
Roermond, 16 april 2010
| maandag 21 december 2009
Overheden missen kennis over grote aanbestedingen. Er moet nu snel een expertisecentrum komen waaruit overheden kennis kunnen putten om grote projecten op realistische basis aan te besteden en tot een succes te brengen. Dat schrijft Ondernemend Limburg in een brief aan alle Zuidlimburgse gemeenten.
Limburgse bedrijven maken in veel gevallen weinig tot geen kans op aanbestedingen van enige omvang. Zij komen vanwege volstrekt onrealistische selectie- en gunningcriteria zelfs nog niet aan offreren toe. De aanbestedende partij heeft na inschrijving vaak nog maar de keuze uit een of twee potentiële opdrachtnemers. "Op die manier ontstaat een situatie die voor niemand voordeel oplevert en slechts kostenverhogend werkt", aldus de brief.
Aanbesteding moet transparant en conform de regelgeving plaatsvinden, zo benadrukt het OL-bestuur. En ook moeten er richtlijnen komen op het gebied van integriteit. Maar een professionele en kwalitatief hoogwaardige aanbesteding is van nog groter belang. Ondernemend Limburg maakt zich ernstig zorgen over berichtgeving als zou de geplande samenwerking op het gebied van aanbestedingenbeleid binnen de veiligheidsregio Zuid-Limburg haarscheuren beginnen te vertonen.
“Na alle eerdere vruchteloze pogingen om de economische uitdagingen minimaal op het schaalniveau Zuid-Limburg aan te pakken, is aanbesteding een mogelijkheid om de bereid tot structurele samenwerking op haar duurzaamheid te testen”, schrijven de voorzitters van de drie OL-partners.
Ondernemend Limburg steunt het voorstel van de Regieraad Bouw om hiervoor een expertisecentrum op te richten, zodat overheden kunnen beschikken over kennis en ervaring over complexe processen van aanbesteding en planuitvoering.
| maandag 7 december 2009
Het Ondernemershuis Limburg in Roermond wordt een ontwerp van het bureau SATIJNplus Architecten uit Born. Het team van SATIJNplus slaagde er als beste in de twee monumentale gebouwen met elkaar te verbinden tot een modern en flexibel, gezamenlijk kantoor voor de Kamer van Koophandel Limburg, de LWV, de LLTB en het MKB Limburg. Zij doen dat door een transparante campus tussen beide gebouwen te situeren. Het team van SATIJNplus bestaat uit de architecten Rob Brouwers, Harold Janssen en Koen Savelkoul.
In de visie van architect Rob Brouwers zorgt de campus ervoor, dat alle organisaties optimaal kunnen samenwerken. “Door de campus over meerdere bouwlagen aan te brengen met doorkijkmogelijkheden, ontstaat de gewenste dynamiek. Het raakvlak tussen alle organisaties wordt optimaal.” Op de begane grond van de campus komen onder meer de hoofdentree met een gezamenlijke receptie en wachtruimte. Op de hoger liggende etages is ruimte voor informele ontmoeting, vergaderen en het organiseren van symposia. De derde verdieping bevat een restaurant met dakterras.
Materiaalgebruik
In het schetsontwerp is veel aandacht besteed aan duurzaamheid. Brouwers: “Alleen al het feit, dat twee bestaande gebouwen een nieuwe functie krijgen, bespaart enorm veel aan materiaalgebruik en Co2-uitstoot ten opzichte van nieuwbouw. Maar daarnaast gaan we heel nauwgezet kijken naar alle moderne technologieën om zo zuinig mogelijk met grondstoffen en energie om te springen. Te denken valt aan zon-oriëntatie, natuurlijke ventilatie, zoneverwarming en het terugwinnen van warmte.”
In het Ondernemershuis Limburg kan de voor Nederland unieke vorm van samenwerking tussen alle werkgeversorganisaties en de Kamer van Koophandel Limburg straks verder gestalte krijgen. Binnen Ondernemend Limburg zullen functies zoals automatisering, financiële administratie en communicatie gezamenlijk worden ondergebracht en ook in bestuur en beleid ontstaan nieuwe mogelijkheden voor samenwerking en afstemming.
Het nieuwe kantoor krijgt een bruto vloeroppervlakte van ongeveer 9.000 m2 en gaat ruim 200 medewerkers huisvesten. In de komende maanden zal het schetsontwerp verder worden uitgewerkt. Daarna kunnen achtereenvolgens de vergunningaanvraag en de aanbesteding worden gedaan. Naar verwachting zal de daadwerkelijke verbouwing starten in de tweede helft van 2010. Einde 2011 zou dan de oplevering kunnen plaatsvinden.
| vrijdag 27 november 2009
De Limburgse Werkgevers Vereniging vindt het een positief signaal dat een commissie is opgericht voor het opstellen van een “Actieplan Bevolkingsdaling”. Snelheid is echter wel geboden! De krimp heeft inmiddels ingezet en er kan niet tot eind 2010 gewacht worden.
De regioagenda van Ondernemend Limburg en daarmee ook het LWV kringbestuur Zuid Limburg heeft al eerder vastgesteld dat regie op de krimp van essentieel belang is. Op dit moment zijn nog te veel partijen onafhankelijk van elkaar bezig zich voor te bereiden op de toekomst zonder dat daar een duidelijke en integrale visie aan ten grondslag ligt.
De LWV is verheugd over het feit dat de commissie Deetman hierin verandering gaat brengen maar pleit wel voor snelheid. Er is inmiddels wel genoeg cijfermateriaal beschikbaar om een goede strategie op te kunnen baseren.
De LWV is graag bereid een bijdrage te leveren aan de totstandkoming van het actieplan.
| maandag 26 oktober 2009
Na een aantal signalen heeft de LWV een enquête onder haar leden uitgezet over het eenzijdig wijzigen van financiële condities door banken. 27% van de leden die de enquête hebben ingevuld gaf aan hier in de afgelopen tijd negatieve ervaringen mee te hebben opgedaan.
Uit de toelichting door leden bij de enquête trekt de LWV de volgende conclusies:
- Over het algemeen zit het probleem bij het eenzijdig opleggen van een liquiditeitstoeslag op de rekening courant. Dit komt voor bij alle grote banken.
- Afhankelijk van de onderhandelingspositie van de klant op dat moment wordt al dan niet flexibel hiermee omgegaan.
Hoewel in veel gevallen de algemene voorwaarden van banken deze handelswijze toelaten, hebben leden hun ongenoegen geuit op de manier en het tijdstip waarop dit gebeurt. Het lijkt erop datde algemene voorwaarden slechts in één richting werken.
De resultaten van de enquete, alsmede de toelichting hierop, zijn doorgestuurd naar VNO/NCW ter bespreking in de relevante Haagse overleggremia.
Uitslag enquête:
Heeft u de ervaring dat financieringscontracten eenzijdig gewijzigd worden?
|
|
|
Ja
|
|
|
|
Aantal antwoorden 70
Percentage antwoorden (27%)
|
|
|
|
|
|
|
Nee
|
|
|
|
Aantal antwoorden 185
Percentage antwoorden (73%)
|
|
|
|
Totaal aantal antwoorden: 255
|
| maandag 21 september 2009
Op 21 september 2009 is de Masterclass Veiligheid Zuidoost opgericht. 16 toonaangevende bedrijven uit Limburg hebben hun handtekening gezet onder een samenwerkingsovereenkomst voor veiligheid. In de Masterclass Veiligheid Zuidoost zullen de deelnemende bedrijven uit de procesindustrie en aannemingsbedrijven hun kennis en ervaring bundelen om de veiligheid in Limburg op een nog hoger plan te tillen.
De Masterclass Veiligheid Zuidoost is opgericht naar voorbeeld van Deltalinqs University in de Botlek. Het initiatief wordt gesteund door de Vereniging van de Nederlandse Chemische Industrie (VNCI) die ook dergelijke Masterclasses in andere regio’s ondersteunt.
Ook de Nederlandse regering hecht grote waarde aan deze samenwerking. Naar aanleiding van het rapport ‘Trends of Incident’ uit 2004, stimuleerde toenmalig staatssecretaris Van Hoof van Sociale Zaken de industrie nauwer samen te werken op het gebied van veiligheid. Met de oprichting van de Masterclass Zuidoost is een landelijk netwerk van Masterclasses gerealiseerd.
De deelnemende bedrijven zijn vooral actief in de procesindustrie. Deze industrie is zich bewust van de risico’s die er bestaan in hun organisaties en werken juist daarom al jaren continu aan het beheersen van die risico’s. Op het gebied van veiligheid speelt de procesindustrie een toonaangevende rol en dient als een voorbeeld voor andere sectoren. De Masterclass Veiligheid Zuidoost wil zich verder ontwikkelen tot kennisdrager voor andere bedrijven in de regio. De opgedane kennis en ervaring zullen vervolgens gedeeld worden met een bredere groep van bedrijven.
Tijdens de oprichtingsbijeenkomst sprak Fred Offerein, directeur Provincie Limburg, zijn waardering uit voor het initiatief: “Als bedrijven in onze provincie gaan samenwerken om de veiligheid te verbeteren, dan kan je dat als overheid alleen maar aanmoedigen. Waar mogelijk willen we dit initiatief ondersteunen. Als provincie willen we niet alleen onze vergunningverlening en handhaving verbeteren, maar realiseren we ons ook dat de effectiviteit van regelgeving op deze manier kan worden verbeterd.”
Henny Egberink, site director SABIC Geleen, haalt de uniekheid van de samenwerking tussen de diverse bedrijven naar voren en benadrukt het belang van de collectiviteit: “Binnen Sabic bestaan diverse best practices, maar om nog een stap verder te zetten hebben we de inzichten van anderen van buiten onze organisatie of onze sector nodig. Door samen op te trekken kunnen we van elkaar leren en doordat ook de aannemingsbedrijven zijn betrokken kunnen we streven naar meer uniformering van generieke veiligheidsregels.” Uiteindelijk moet het initiatief leiden tot verdere verbetering van de veiligheidsprestaties van de diverse bedrijven.
Colette Alma, directeur van de VNCI, benadrukt het belang van het initiatief om de veiligheid naar een nog hoger plan te tillen. “Onze industrie is een van de veiligste bedrijfstakken, we mogen dat ook best wat meer uitdragen”, aldus Alma. Met de oprichting van de Masterclass Veiligheid Zuidoost is tevens een landelijk netwerk van ‘Masterclasses’ bereikt. De VNCI zal het bereiken van deze mijlpaal aan de minister van Sociale Zaken rapporteren.
De LWV heeft een coördinator, Jos Meessen, aangesteld die de activiteiten van de Masterclass Veiligheid Zuidoost zal ondersteunen. Het programma van de Masterclass loopt in eerste instantie over een periode van drie jaar en heeft een verdere verbetering van de veiligheid als doel. Jaarlijks zullen er workshops worden georganiseerd waar allerlei veiligheidsthema´s worden behandeld en ‘best practices’ zullen worden gedeeld.
Deelnemende bedrijven Masterclass Veiligheid Zuidoost: Cofely Zuidoost B.V.; Mammoet Nederland B.V.; Stork Industry Services Zuidoost; SABIC Limburg B.V.; Trespa International B.V.; Nyrstar Budel B.V.; Sitech Services B.V.; Sekisui S-Lec (Europe) B.V. (SSE); SGB Cleton B.V.; LVM Beek / Tessenderlo Group; Hertel Industrial Services B.V.; Smurfit Kappa Roermond Papier B.V.; Akzo Nobel Functional Chemicals B.V.; Enexis B.V.; Reym B.V., Rockwool Lapinus Productie B.V.
| donderdag 30 juli 2009
Het bestuur van Ondernemend Limburg (OL) is verheugd over het besluit van de Kamer van Koophandel om samen een ‘Ondernemershuis’ te vestigen in het voormalige Ursulinenklooster in Roermond. OL-voorzitter Henk Benjamins ziet in het besluit een kans om binnen Ondernemend Limburg de samenwerking verder te versterken.
Met dit besluit wordt Limburg de eerste provincie die erin slaagt alle belangenorganisaties voor het bedrijfsleven samen te brengen in één onderkomen. Al eerder hebben de drie samenwerkende partijen binnen Ondernemend Limburg (MKB Limburg, LWV en LLTB) de wens uitgesproken om te komen tot gezamenlijke huisvesting met de Kamer van Koophandel. In de formule van het Ondernemershuis liggen grote kansen voor een effectievere belangenbehartiging voor het bedrijfsleven in Limburg. Ondernemers zijn gebaat bij stevige samenwerking tussen de diverse organisaties.
De centrale ligging van Roermond in de provincie maakt Roermond tot een passende vestigingslocatie. Ondernemend Limburg is ook ingenomen met het besluit van de Kamer van Koophandel om primair voorbereidingen te treffen voor huisvesting in het complex Ursulinenklooster/landbouwhuis. Bij dit besluit is als voorwaarde gesteld dat de investeringen voor de Kamer van Koophandel niet afwijkend mogen zijn ten opzichte van een vergelijkbare huisvesting in een nieuwbouwlocatie. In de komende maanden wordt dit verder uitgewerkt, waarbij tegelijkertijd een scenario voor nieuwbouw wordt bezien, voor het geval de vernieuwbouw van het complex Ursulinenklooster/landbouwhuis niet aan de door de Kamer van Koophandel gestelde voorwaarden kan voldoen.
De nu gekozen locatie Ursulinenklooster/landbouwhuis heeft nog bijkomende voordelen. Met het opnieuw in gebruik nemen van het voormalig Ursulinenklooster is de toekomst van dit Rijksmonument veilig gesteld. Daarnaast is er voldoende ruimte om ook andere organisaties aan te sluiten bij het concept van het Ondernemershuis. Syntens heeft al aangegeven zich te willen vestigen in het Ondernemershuis.
| maandag 20 april 2009
Ondernemend Limburg pleit voor het vergroten van de talenkennis van de mensen die nu aan de kant staan. Door de economische tegenwind raken steeds meer mensen werkloos. Een nieuwe baan vinden, is niet altijd even gemakkelijk. Afhankelijk van de vraag in de markt en de aanwezige vaardigheden, zal dit enige tijd in beslag nemen.
Ondernemend Limburg wil deze tijd goed benutten en zo sterker de toekomst ingaan. Een goede kennis van talen is tegenwoordig onmisbaar. Het zakendoen wordt steeds internationaler. Talenkennis is ook een belangrijke vestigingsfactor. In het verleden hebben veel bedrijven voor onze provincie gekozen omdat wij onze talen spraken. De laatste jaren zien we echter dat de talenkennis drastisch is afgenomen. Ook in het kader van de zich steeds verder ontwikkelende Euregio is dit erg jammer en worden niet alle kansen benut.
Ondernemend Limburg wil daarom van de nood een deugd maken en de crisis aangrijpen om een investering te doen die een hoog rendement oplevert. Werklozen zouden bijvoorbeeld een cursus Frans, Duits of Engels kunnen volgen. Hiermee benutten ze hun tijd zinvol; zowel voor henzelf als voor Limburg.
Deze gedachte sluit perfect aan bij het onlangs gesloten Nationaal Akkoord waarin is afgesproken dat scholing maximaal gefaciliteerd wordt om mensen weer zo snel mogelijk aan de slag te krijgen. | donderdag 8 januari 2009
Om de gemeenten in Limburg beter toe te rusten is een forse opschaling nodig. Van de huidige 40 gemeenten blijven dan 7 landelijke en 7 stedelijke gemeenten over. Dat is de visie van Ondernemend Limburg, waarin de LLTB, de LWV en het MKB Limburg samenwerken. Met de visie ‘Van 40 naar 14’ wil Ondernemend Limburg vooral vanuit economisch perspectief een bijdrage leveren aan de discussie over gemeentelijke herindeling.
Voorzitter Henk Benjamins van Ondernemend Limburg lichtte de visie op dinsdag 6 januari 2009 toe tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst in het nieuwe kassencomplex van Wijnen Paprika’s in Grubbenvorst. Wijnen is bezig met de bouw van een glastuinbouwbedrijf dat in 2011 een teeltoppervlakte heeft van 55 ha. Als één van de redenen voor de noodzakelijke opschaling van gemeenten noemde Benjamins onder andere het feit dat kleine gemeenten geen goede partij meer zijn in de enorme schaalvergroting die zich bijvoorbeeld in de land- en tuinbouw voordoet.
De maximaal zeven stedelijke gemeenten die OL voorstelt zijn: Maastricht, Parkstad, Sittard-Geleen, Venlo, Roermond, Weert(erland) en Venray. De landelijke gemeenten worden gevormd door Maasduinen, Horst-Sevenum, Peel en Maas, Leudal, Maasgouw-Echt, Centraal Heuvelland en Zuidelijk Heuvelland.
Afkalven
In de brochure die Ondernemend Limburg heeft uitgegeven wordt als belangrijk argument de bevolkingsdaling aangehaald, die eerst fors uitpakt in Zuid-Limburg, maar op den duur heel Limburg raakt. Heerlen daalde van 96.000 inwoners (2001) naar 89.000 (2008). Dit daalt verder tot 85.000 in 2015 tot 76.000 in 2030. Kerkrade had 56.000 inwoners, staat nu op 48.000 en daalt in 2030 tot 38.000. Het draagvlak voor (de kwaliteit van) tal van voorzieningen zal daarmee gaan afkalven. Dat heeft ook zijn repercussies voor de omvang en kwaliteit van gemeentelijke organisaties zelf. Alleen grote, krachtige gemeenten zijn in staat sturing te geven aan belangrijke keuzes in onder meer economische, onderwijskundige, culturele en maatschappelijke voorzieningen.
De stedelijke gemeenten in Limburg moeten slagvaardig genoeg zijn om, rekening houdend met de sterke bevolkingsdaling, nieuwe integrale concepten te ontwikkelen voor infrastructuur, wonen, recreëren en werken.
Kerngebieden
Een bepaalde minimale bestuurlijke en economische schaal is ook nodig om een volwaardige partner te kunnen zijn voor nabijgelegen economische kerngebieden. In Limburg gaat het dan niet alleen om relaties met gebieden in de rest van Nederland (Brainport Eindhoven, Knooppunt Arnhem-Nijmegen), maar vooral ook om relaties met gebieden aan de andere kant van de grenzen met België en Duitsland.
In het gemeentelijke concept van Ondernemend Limburg wordt Parkstad de grootste Limburgse gemeente met 206.274 inwoners. Dat aantal zal overigens in 2015 zijn geslonken tot 197.278 en in 2030 tot 174.347. De kleinste gemeente is met 38.487 inwoners Maasduinen, maar deze gemeente daalt in inwonertal relatief minder snel: van 38.118 in 2015 naar 36.145 in 2015.
|
|
|
|
|